Oberpfalz

Ik reis niet om ergens heen te gaan, maar om te gaan. De kern is het verplaatsen; om de behoeften en de tegenslagen van ons leven helder te voelen; om onder dat donsbed van de beschaving vandaan te kruipen en onder je voeten het graniet van de aarde aan te treffen, bezaaid met scherpe scherven. […] En als het heden alle aandacht opslokt, wie kan zich dan storen aan de toekomst?
– Robert Louis Stevenson

Woensdag 7 oktober

Het lijkt wel een patroon te worden en ik weet niet of het nu regent omdat we weggaan of dat we weggaan omdat het regent. Afijn, het is in elk geval geen straf om weer te verkassen. Tijdens het rijden wordt de bus lekker warm en we gaan nog ietsje verder naar het oosten toe. We eindigen in Oberpfalz, ook wel Oberbayern genoemd, tegen de Tsjechische grens aan. Vanwege de Corona durven we niet door te gaan naar Tsjechië zelf.

We vinden een plekje op camping Platzermuhle in het gelijknamige buurtschap dat vlak tegen Bad Neualbenreuth ligt. Het is precies de camping die we nu nodig hebben. We staan op een plek met deels verharding voor de bus en deels gras voor de luifel. Broodjes worden ’s ochtends bij de voordeur gelegd, we kunnen er de wasmachine gebruiken en ze hebben een droogruimte. Vooral het drogen is een probleem in de herfst. We hebben allemaal synthetische kleding en dat kan niet in de droger.

Met zijn 1400 inwoners is Bad Neualbenreuth een dorp vergelijkbaar met Baflo maar met het verschil dat er een gigantisch spa-en-wellness centrum (Sybillenbad) bij gebouwd is boven op een natuurlijke bron. Dat klinkt heerlijk in dit herfstige weer maar we durven het toch niet aan in Coronatijd. We houden ons bij wandelen en fietsen waar hier voldoende mogelijkheden voor zijn. Al is dat laatste wel een uitdaging door de geaccidenteerdheid van het landschap hier.
Na een dag rijden is het altijd lekker om even in beweging te zijn. We lopen naar het dorp dat een kilometer verderop ligt. Het dorp is niet bijzonder. Een paar Gasthauses, een bakker en een drankenhandel. Ik wordt verrast door de kerk. Van buiten al erg groot maar van binnen een prachtig interieur. Niet alleen veel (blad)goud maar ook de schilderingen zijn hier nog goed onderhouden. En ze hebben een aanpalende Mariagrot.

Ook wordt in dit gebied het zogenaamde Zoigl-bier gebrouwen. Een lokaal bier dat vaak van smaak verschilt, per dorp of zelfs per kroeg. Tegenwoordig zijn er vijf erkende brouwerijen en is het immaterieel erfgoed. Dat is voor mij reden genoeg om hier een paar dagen door te brengen.

Donderdag 8 oktober

Vandaag is het een wandeldag en er zijn hier genoeg mogelijkheden. Ik combineer de ‘Auf sagenumwobenen Wegen zum Mittelpunkt Europas’ en ‘Auf stillen Waldpfaden entlang der Grenze’. Hiermee verkijk ik me wel een beetje op de afstand want met zijn 22 kilometer blijkt het behoorlijk anstrengend.

We beginnen in het dorp bij de bakker annex konditorei waar ze koffie en een lekker stuk gebak hebben. Hiermee kunnen we op pad. In het dorp lopen we omhoog en zien nog veel traditionele vakwerkhuizen. Omhoog lopen geeft mooie uitzichten ondanks het grijze weer. Onderweg struikel je over de kapelletjes, Christus-aan-het-kruizen en Maria-achter-tralies. Toch zijn het telkens weer leuke oponthouden en we kijken daarom altijd even. Boven op de heuvel komen we eerst bij de Grenzenlandturm die er al een jaar of 50 staat. Met zijn groen uitgeslagen koper is het een bijzondere verschijning. Je kunt naar boven maar dan moet je langs de horeca onderin en we willen niet weer koffie drinken. De uitzichten zijn zo ook mooi genoeg. Richting Tsjechië kijkend zien we de Tillenberg liggen, met zijn 939 meter een van de hoogste en de noordelijkste punten van deze bergrug tussen Duitsland en Tsjechië. Over de flank van deze berg gaat ons pad verder.

We gaan de bossen in en komen mensen tegen die naar paddenstoelen zoeken. Daar hoef je hier weinig moeite voor te doen want het stikt ervan. We komen een bord tegen met wel 50 soorten. Ook staat aangegeven welke eetbaar, niet lekker en giftig zijn. Het valt me op dat er soms nauwelijks visueel verschil zit tussen eetbaar en zwaar giftig. Gelukkig heb ik dat probleem niet want ik lust geen enkele paddenstoelensoort. In Nederland zie ik altijd maar een paar soorten paddenstoelen maar hier wemelt het van de verschillende soorten. Ik heb er een aantal op de foto gezet.

Het is heerlijk om in de bossen te wandelen. De wind is hier weg, het pad voelt als een tapijt en de geuren zijn overweldigend. Via een holle weg komen we op de grens tussen Duitsland en Tsjechië. Via stenen wordt deze gemarkeerd. Ons pad loopt eigenlijk over het stukje niemandsland tussen de stenen. Ik vind het ongelofelijk dat mensen die moeite doen om langs een grens in een bos al die markeringen aan te brengen, alleen om aan te geven wat van jou is. Soms ligt er een grote steen zoals de 300 miljoen jaar oude Koningssteen. De markeringen erop maken hem legitiem. Een woud van bordjes geeft aan dat het gevaarlijk (pozor) is om naar Duitsland te gaan en zelfs soms verboden. Mijn telefoon slaat er van op hol en de berichten stromen binnen dat ik wisselend in Tsjechië en in Duitsland ben.

We komen langs de Granatbrunnen. Deze bron dankt zijn naam aan het feit dat hier vroeger granaatstenen werden gevonden. Het water uit deze bron komt via allerlei waterwegen uiteindelijk via de Elbe bij Hamburg in de Noordzee. Het doet daar dan wel 11 dagen over.

Veel leuker vind ik dat we bij het middelpunt van Europa komen alhoewel je aan de geldigheid van deze claim kunt twijfelen en na de brexit is het natuurlijk weer anders. In elk geval is deze in 1865 bepaald door de geografen van de Habsburger Astro-Hongarije monarchie en toen is er een steen op gezet. Die steen is in 1985 vervangen door deze. Ik wil een selfie van ons maken met de zelfontspanner. Maar als ik naar Mevr. van der Veeke hol ga ik onderuit. De tweede poging lukt wel

Hierna dalen we weer af. We maken een kleine omweg om de Muglbach waterval te bekijken. Ondanks de regen van gisteren stroomt er niet veel water door. Het blijft een idyllisch plaatje. In de bossen is fijn, maar uitzicht is ook fijn. In dit gebied is vroeger veel goud gevonden. Tegenwoordig is het nieuwe goud de forel die hier gekweekt wordt. Een van de watertjes geeft een prachtig herfstplaatje. Een mooie afsluiting van een prachtige wandeltocht.

Vrijdag 9 oktober

Alhoewel ik gisteren nog redelijk fit thuis kwam, protesteert het lichaam vandaag wel. We denken dat we nog jonge goden zijn die zomaar 22 kilometer met hoogteverschillen belopen maar de praktijk blijkt anders. Toch willen we graag op pad omdat het weer redelijk wordt en het morgen waarschijnlijk gaat regenen. Vandaag pakken we de fiets om op bedevaart te gaan. Er is een fietsrondje naar Waldsassen die ik wat uitbreid zodat we ook de Dreifalktigkeitskirche in Kappl kunnen bezoeken. Dit brengt de route op 40 kilometer, wat niets lijkt maar wel ruim 650 hoogtemeters bevat.

Stram maar met goede moed stappen we op de fiets. Eerst komen we langs de St. Sebastian kerk in Kappl (en het is een andere Kappl die we later bezoeken). Van buiten ziet de kerk er niet bijzonder uit maar van binnen is het weer een groot stripverhaal..

De route naar Waldsassen is verrassend. Een mix van asfalt en off-road. Het miezert een beetje en dat is de enige regen die we hebben vandaag. De wegwijzers sturen ons soms paadjes in waarvan ik niet het idee heb dat het fietswegen zijn maar we komen uiteindelijk wel in Waldsassen.

Waldsassen, met een kleine 7000 inwoners, is een plaats vergelijkbaar met Winsum. Alleen in Winsum staat er niet zo’n gigantisch klooster met een nog gigantischere Stiftsbasiliek. Het klooster is in de 12e eeuw gesticht, een aantal malen verwoest en weer opgebouwd. Sinds 1864 wonen er alleen nog Cisteriaanse nonnen.  We komen hier voor de basiliek en de bibliotheek van het klooster. Beide vind ik een klein wonder.

De basiliek is in de 17e eeuw gebouwd en is een van de mooiste barokke gebouwen van Duitsland. Het interieur is adembenemend. Je weet haast niet waar je moet kijken. De schilderingen op het plafond. Het altaar met zijn goud, beelden en versieringen. En de 4 geklede lijken die ten toon gesteld staan. Ik zou hier wel een dag kunnen doorbrengen. Wel met een verrekijker dan om alles goed te kunnen zien. Maar goed, beelden zeggen meer dan woorden. Beslis voor jezelf.

Als je denkt dat dit dan prachtig is, dan ben je nog niet in de bibliotheek geweest. Die heeft een roerige geschiedenis. Ooit meer dan 16.000 boeken gehad. Alles verdwenen en later weer gevuld met nieuwe boeken. Overigens geen handgeschreven boeken want die zijn allemaal door het Vaticaan geconfisqueerd. Maar de grootste schat zijn niet de boeken, maar het interieur. Je mag er geen foto’s maken, dus de foto’s die je ziet komen bijna allemaal uit een gidsje.
Waar ik erg van onder de indruk ben is het houtsnijwerk dat te zien is in de bibliotheek. Karl Stilp is, samen met 18 hulpjes, 22 jaar met dit kunstwerk bezig geweest. De balustrade wordt gedragen door een tiental figuren die allen een van de mindere deugden moeten verbeelden. En daartussen is nog allerlei ander houtsnijwerk in de balustraden en ter versiering van de boekenkasten. Ook fraai zijn de schilderingen en de reliëfs die natuurlijk allemaal een betekenis hebben. Opdat de geile paters ook aan hun porno kunnen komen, zijn naakte vrouwen in de schilderingen verwerkt. Om dat te verbloemen, worden ze in de beschrijving dan maar apen genoemd. Ook hier zou ik wel een dag willen besteden. Je kunt er alleen in met een rondleiding, die ongeveer een half uur duurt. Een kaartje kost €3,50.

Stil van zoveel moois gaan we op weg naar de bedevaartskerk in Kappl. Daar kun je via de gewone weg heen, maar er loopt ook een Rosenkranz-pad door het bos waar je 15 zuilen met een soort alternatieve kruisgang kunt vinden. Op elke zuil staat een van de rozenkrans motieven. Voor ons is dit ook een soort van kruisgang want het loopt regelmatig erg steil omhoog. Gelukkig kunnen we bij elke zuil even kijken en uitrusten.

Aan het einde van de weg krijg je een mooi zicht op de Dreifalktigkeitskirche en dat is een bijzonder gebouw. Het getal drie kom je in alle aspecten van deze, in de 17e eeuw gebouwde, kapel tegen. Het interieur is wederom barok en ook hier valt mijn mond open. Ik was al onder de indruk van de kerken in Spanje en Portugal maar deze zijn door de schilderingen nog veel mooier.

We zijn nu ongeveer op de helft van onze route en hebben op de terugweg nog één bedevaart plek die we gaan bezoeken. Het is een Lourdesgrot met wat minder pracht en praal dan we tot nu toe gezien hebben. Waren we bij de afgelopen plekken meestal alleen, hier wemelt het van de mensen. En van de lama’s. De enige lama die mist is de Dalai Lama. Een groep kinderen is op pad met een kudde lama’s en brandt een kaarsje in de kapel. Zo zie je maar dat je na al dat moois toch nog verrast kunt worden. In een Lourdesgrot is meestal een steen uit Lourdes aanwezig maar die kan ik hier niet vinden.

Hierna rest ons alleen nog de terugweg. Onderweg vraag ik me af hoeveel moois een mens kan verwerken voordat hij vol zit. En of de hoeveelheid verwondering eindig is. Veel tijd heb ik hier niet voor want het laatste stuk valt door het meeste klimwerk toch wat tegen. Opgeteld bij de vermoeidheid van gisteren komen we behoorlijk kapot terug. Daarom besluiten we morgen een rustdag te nemen. De weersvoorspelling is niet goed, dus lekker uitslapen en een dag in de bus lezen en bijkomen.

Zondag 11 oktober
Het was een koude nacht. Buiten zal het iets van 2 graden geweest zijn. In de bus zakt de temperatuur ’s nachts naar onder de 10 graden. We hebben geen echte kachel. Wel een klein elektrisch kacheltje van 500W maar die krijgt het nauwelijks wat warmer. We hadden het idee dat we zonder kachel kunnen. Dat idee was fout. Via de mail bestel ik een standkachel op diesel want om in zo’n perfecte bus in de kou te gaan zitten zou jammer zijn.

Maar goed, een koude nacht betekent ook een heldere nacht en dus goed weer. We besluiten nog een wandeling te doen. Maar dan wel iets korter dan de vorige. We kiezen voor de Von Eisenhämmer, Töpfern und Schindern (ja, zeg dan maar een hardop zonder met je ogen te knipperen…), een wandeling van 14 kilometer. Denken we. Want de maker weet er op slinkse wijze nog een paar kilometer bij de smokkelen.
Het is een wandeling die meer van het landschap en de geschiedenis van het landschap en zijn bewoners laat zien. De Muglbach stroomde behoorlijk en op vele plekken werd daar met watermolens handig gebruik van gemaakt. Daarom eindigen zo veel plaatsjes hier op mühle (molen). Ook werd hier vroeger naar goud en zilver gezocht en het werd er gevonden. Daar zien we de restanten van. Bovendien zien we wat van de typisch Egerlandische vakwerk bouwstijl. Verder zitten we veel in het bos, komen we langs de Muglbach Wasserfall, die we een paar dagen geleden ook al zagen.

Nu ligt het midden in het bos, maar vroeger lag het op een open kruispunt van wegen; de Alter Herrgott Waldkapelle. Het is een van de mooiste en oudste kapelletjes in Oberpfalz. Ik vind dat dit met name komt door zijn idyllische ligging en eenvoud. Er staat zelfs een mini-kruisgang op de buitenkant rondom. De legende zegt dat het gesticht is nadat een edelman verdwaald was in het bos, de Alter Hergott aanriep en gered werd door een hert met een kruis in zijn gewei. Magisch plekje.

De route leidt ons verder door de bossen langs miljoenen jaren oude rotsen en een mysterieus bordje. Dat beloofd dat 500 meter verderop een Büberl-bild staat. Geen idee wat het is. De beschrijving geeft ook niet veel houvast en internet is hier niet. Er zit niets anders op dan de extra kilometer te lopen. We volgen de stippen maar het resultaat kan ik niet anders beschrijven dan teleurstellend. Je kunt bij de foto’s zien waar we uitkwamen.

En dit is niet enige waar we voor om moeten lopen. Gelukkig is het andere keren korter zoals bij het Netchkreuz. In een oude Beiers-Egerische grenssteen is een nisje gemaakt met een volledige verlopen plaatje van Christus (en dat is wat anders dan een plaatje van een verlopen Christus). In 1860 vind bosbouwer Netschhier hier de dood, vandaar de naam.
Ondanks dat de route niet heel interessant is, komen we nog wel langs een paar mooie plekjes. Een spiegelmeertje, een kronkelpad en mooie uitzichten maken het af voordat we weer in Neualbenreuth komen.

4 thoughts on “Oberpfalz

  1. Willem says:

    Wat weer een prachtige foto’s. Vooral de basiliek is prachtig en wat een Bib. Al dat houtsnijwerk . Prachtig!
    De foto van Mevr van der Veeke op de trap krijgt van mij de eerste prijs. De investering van een kachel lijkt mij niet verkeerd.
    Doe kalm aan met de spieren!!😅

Leuk als je reageert